Simone bekijkt het per dag

Simone Zwitserloot begon met judo op haar vijfde, bij judoschool Ryu in Nijmegen. Ze was een druk en energiek kind en moest een sport vinden waarin ze haar energie kwijt kon. Zo’n elf jaar later behoort ze tot de talenten in wat een van de Olympische topsporten moet worden. Ze is zestien, won dit jaar het Dutch Open in haar leeftijdsklasse en ach, ze weet echt niet waar het allemaal eindigt. ‘Daar hou ik me ook niet mee bezig’, zegt ze vrolijk. ‘Ik kan nog tot mijn twintigste bij de junioren terecht. Dat is nog zo’n lange tijd. Over de senioren denk ik nooit na, laat staan over zoiets als de Olympische Spelen.’
Vergeleken met andere toptalenten die veel uren moeten maken om te kunnen trainen heeft Simone geluk. Ze woont in Nijmegen en heeft de trainingshal van de Stichting Top Judo Nijmegen praktisch om de hoek. ‘Maar ik zit tegenwoordig wel op de bondstrainingen, die zijn op zondag in Nieuwegein. Dan moet ik wél reizen.’ Maar je hoort haar dus niet klagen. ‘Nee hoor, het is allemaal goed te combineren. Ik zit op het NSG in Nijmegen, in 6 VWO inmiddels. Volgend jaar wil ik psychologie gaan studeren en dat kan ook in Nijmegen. Ik heb dus het vooruitzicht dat ik hier kan blijven en kan blijven trainen. De school is niet een officiële LOOT-school, maar ik heb wel altijd alle medewerking en begrip gehad.’
Vijf keer per week is ze voor een training te vinden in de dojo van Judo Nijmegen, ze heeft daarnaast haar krachttrainingen geïntensiveerd. Ze voelt zich sterker worden en zet steeds een nieuw stapje op weg naar de top. ‘Vroeger had ik wel voorbeelden, mensen die ik bewonderde. Maar dat is nu veranderd, omdat ik die toppers zelf elke week tegen kom. Ik ken ze persoonlijk en dat is een wereld van verschil.’
Over de vraag wat haar tot een talent maakt, hoeft ze niet lang na te denken. ‘Ik ben technisch niet de beste judoka. Qua aanleg waren er altijd beteren. Maar ik heb een vechtersmentaliteit, ik wil echt niet verliezen. Daar kan ik niet tegen, dus doe ik er alles voor om dat te voorkomen. Ik train hard, oefen veel met nieuwe technieken. Ik ben er altijd mee bezig. En inmiddels is het zo dat ik zoveel technieken beheers, dat ik daar altijd op terug kan vallen. Alleen op kracht red je het uiteindelijk niet.’
Het moet pijn doen dat een van haar zeldzame nederlagen op You Tube te zien is. ‘Ach’, relativeert ze. ‘Dat was tegen Suzanne Zegers en daar heb ik alleen die ene keer van verloren. In alle andere belangrijke wedstrijden heb ik van haar gewonnen.’
‘Het spelletje’, zoals ze het judo noemt, boeit haar mateloos. ‘Dat heb ik vanaf het begin gehad. Er zijn zoveel technieken die je je eigen moet maken. Dan kun je ze ook nog eens in verschillende combinaties gebruiken. Het is een afwisselende sport, waar je nooit uitgeleerd bent.’ Ze zal het zelf nooit ‘een gevecht’ noemen. ‘Het voelt als een wedstrijd. En natuurlijk kan het er soms hard aan toe gaan en mag je nooit te lief zijn. Maar ik vecht niet met een tegenstander. Ik speel er tegen. Dat is iets heel anders.’
Hoewel het zwaartepunt van het judojaar al weer achter ons ligt, heeft ze voor het najaar nog wel snode plannen. Eerst zijn er de districtskampioenschappen bij de senioren, waar ze als junior al aan mee mag doen. ‘Als ik daar hoog eindig mag ik naar het NKT. En als dat ook nog goed ga, mag ik naar het NK. Dat laatste zou een fantastische prestatie zijn. Maar ik weet echt niet of dat er nu al in zit.’
Ze weet inmiddels dat alles mee moet zitten, wil ze op het NK verschijnen. ‘Bij de Dutch Open had ik zo’n periode dat ik dacht: dit kan niet meer fout gaan.’Alles zat mee en ze won de klasse tot 48 kilogram in een deelnemersveld tot twintig jaar. ‘Dat was ook voor mezelf een geweldige prestatie. En natuurlijk smaakt dat naar meer.’

Partner: Topsport Gelderland is een initiatief van:
logo NOC NSF logo HAN
  © 2012 Topsport Gelderland